woensdag 4 juni 2008

Badiou's ethiek: God en oneindige verzamelingen

In het tweede hoofdstuk bekritiseert Badiou de ethiek van Levinas. Deze ethiek is een ethiek van het verschil, een ethiek van de Ander. Dit in tegenstelling tot de klassieke ethische stelsels die allemaal gebaseerd zijn op het Zelfde (de terminologie komt van Levinas). De basis voor deze alteriteit is te vinden in de religie. Maar, aldus Badiou, een ethiek van het verschil is irrelevant want niet het Andere maar wel het Zelfde is problematisch! Maar dit betekent dat de religie niet als grondslag voor de ethiek kan dienen. Voor Levinas' ethiek betekent dit dat na het verdwijnen van de religieuze basis, ze herleid wordt tot een "kleffe brij". Of zoiets...

Over bovenstaande heb ik weinig te zeggen omdat ik van Levinas' filosofie weinig kaas gegeten heb. Ik weet dus niet of Badiou's betoog steek houdt.

So far so good.

Dan komt echter een hilarische stukje woordenkramerij dat ik hier maar volledig citeer:

"Laten we onze eigen axioma's poneren. God bestaat niet. Wat ook kan worden verwoord als: het Ene bestaat niet. De meervoudigheid 'zonder-het-ene' - want elke meervoudigheid is op zijn beurt niets anders dan een meervoudigheid van meervoudigheden - is de wet van het zijn. Het enige punt van stilstand is de leegte. Het oneindige, zoals Pascal wist, is de banale werkelijkheid van elke situatie, en niet het predikaat van een transcendentie. Want het oneindige, zoals Castor [sic, hier wordt Cantor bedoeld] liet zien toen hij de verzamelingenleer ontwierp is niets anders dan de meer algemene vorm van het meervoudig-zijn (l'être-multiple)."

Los van de onbelangrijke terminologische kwestie dat het niet-bestaan van God als een axioma (i.e. niet bewezen veronderstelling) wordt gepresenteerd en vervolgens toch "bewezen" wordt, roept dit fragment toch een aantal vragen op. Wat bedoelt Badiou met "meervoudigheden"? Aangezien hij in het fragment naar meervoudigheden bij Cantor verwijst, bedoeld Badiou naar alle waarschijnlijkheid verzamelingen. Vervolgens beweert Badiou dat elke meervoudigheid/verzameling steeds bestaat uit een meervoudigheid/verzameling van meervoudigheden/verzamelingen. Dit is niet correct. Verzamelingen kunnen worden opgebouwd vanaf de ledige verzameling. Zo is de "meervoudigheid" die bestaat uit de ledige verzameling, geen meervoudigheid van meervoudigheden, maar wel een meervoudigheid van ledigheden. Dit betekent dat Badiou's tegenstelling tussen meervoudigheid en het ene op niets berust (het is zelfs zo dat er een model van de verzamelingenleer bestaat waar alle verzamelingen/meervoudigheden zijn opgebouwd uit één basisverzameling (het Ene), nl. de ledige verzameling - vandaar deze tip voor een beginnende continentale filosoof: gebruik deze opmerking om te "bewijzen" dat God bestaat en aan alles deel heeft, uw carrière zal er waarschijnlijk goed bij varen). Blijkbaar volgt Pascals opvatting - dat het oneindige naar niets transcendents verwijst - uit Cantors vaststelling dat "oneindigheid" een "algemenere vorm" van het "meervoudig zijn" is. Ik vermoed dat Badiou hier verwijst naar een wiskundige techniek, ontdekt door Cantor, die toelaat om uit een bestaande verzameling een grotere verzameling te construeren. Als deze techniek inductief wordt toegepast kan men, startende van een eindige verzameling/meervoudigheid een oneindige verzameling construeren. Wat dit echter met Pascals opvatting te maken heeft, blijft een raadsel.

Badiou, die zelf wiskundige is en graag met zijn wiskundige kennis pronkt, kent dus blijkbaar niet zo veel van verzamelingenleer. Dit is echter niet het meest problematische aan dit citaat. Wat wel vreemd is, is dat hij meent aan de hand van de verzamelingenleer te kunnen bewijzen dat God niet bestaat. Wat nog vreemder is, is dat hij denkt dat een uiterst technische wiskundige discipline zoals de verzamelingenleer relevant zou kunnen zijn voor de ontwikkeling van een ethiek. Mocht een analytische filosoof dergelijke uitspraak doen, hij zou onmiddellijk (terecht) beschuldigd worden van overdreven sciëntisme. Wanneer een befaamd Frans filosoof dergelijke boodschap (onbewust) verpakt in een woordenbrij waarvan de betekenis niet echt duidelijk is, dan kraait er geen haan naar ... .

5 opmerkingen:

Jan zei

volgens badiou blijft er zonder relgieuze basis slechts een brij over van levinas' ethiek. Volgens mij echter is een a-religeuze of atheistische lezing en interpretatie van levinas perfect mogelijk. in wijsgerig opzicht wortelt levinas' werk in de fenomenologie van husserl en in sociaal-ethisch opzicht is zijn ethiek eerder een reactie op de holocaust en een poging om de moraal na auschwitz her uit te vinden.

(de bijna standaard religieuze lezing van levinas werk heeft veel te maken met (1) het feit dat zijn werk netjes past in een waardenstelsel waar rechtvaardigheid, respect, verantwoordelijkheid enz. kernwoorden zijn; (2) het feit dat vooral katholieke ethici zijn werk in Vlaanderen en Nederland hebben geïntroduceerd, vertaald en geannoteerd en (3) het feit dat levinas zelf gedurende zijn leven talmoedcommentaren heeft geschreven.)

Ik heb hem altijd een erg oorspronkelijk denker gevonden en mijn lezing van hem was steeds a-religieus.

Zijn concept van Le Meme wortelt in de fenomenologie van husserl, waar kennis gezien wordt als een intentionele act tussen object en kennend subject. Bij levinas wordt die kennisact dan een interpretatie. Die interpretatie kan vele vormen aannemen: begrijpen, categoriseren, bemeesteren, macht krijgen over,... maar al die vormen van interpretatie zijn op een of andere manier steeds een reductie van het object tot het zelf. Hij bedoelt hiermee dat het denkende of kennende subject steeds vanuit zijn eigen paradigma's en zelfs fysieke mogelijkheid tot "kennen" vertrekt.

Die fenomenologische relatie tussen subject en object houdt voor levinas echter op in de (ethische) relatie tussen mensen. fenomenologisch gezien is die relatie immers ook die van een subject (ik) tot een object (de ander). Waar je het object kan kennen door het te intepreteren/reduceren-tot-het-zelf geldt dit dus niet voor de ethische relatie, aldus levinas.
De reden hiervoor is dat de ander zich vertoont als iets dat principieel niet gekend kan worden. De ander krijgt zijn betekenis door zijn fundamenteel anders-zijn.

Dit - en niet een of andere religieus paradigma - is het uitgangspunt voor een verder vrij complex ethisch stelsel waarin appèl en verantwoordelijkheid centraal staan.

Zijn ethiek heb ik nooit een echt antwoord gevonden op het drama van de holocaust, iets wat wellicht ook niet echt mogelijk is, maar zijn analyse van anders-zijn en andersheid zijn volgens mij wel degelijk zinvol in de context van actuele thema's zoals migratie, globalisering of waarom niet het nieuwe wij/zij-denken als het gaat over (moslim)terreur. Ik heb het altijd raar én jammer gevonden dat niemand echt de moeite neemt om levinas eens te actualiseren in het licht van die thema's.

Gert zei

Ik raad je aan eerst Badiou's hoofdwerk te lezen vooraleer je hem afbrandt als de zoveelste Franse filosoof die zijn boodschap in een onbegrijpbare woordenbrij verpakt en als de zoveelste continentale filosoof die niets anders doet dan hoogdravende uitspraken te spuien zonder argumentatie. In "l'etre et l'evenement" zal je kunnen zien dat Badiou wel degelijk kaas heeft gegeten van jouw discipline. Als je die openheid kunt opbrengen, en je niet meteen in je kruis getast voelt omdat iemand raakt aan jouw heilige en hoogste wetenschap, zal je misschien waardering kunnen hebben voor de diepe en oorspronkelijke manier waarop Badiou de verzamelingenleer als ontologie opvat. En zal je misschien begrijpen waarom
de verzamelingenleer wel degelijk relevant zou kunnen zijn voor de ontwikkeling van een ethiek. Als je de filosofie van Badiou niet met dezelfde openheid en respect kan benaderen waarop hij met de wiskunde omgaat laat je zijn boeken inderdaad maar beter ongelezen in de kast staan.

Karim Zahidi zei

Beste Gert

Over in het kruis getast zijn gesproken... .

Tja als ik eerst alles moet lezen wat een filosoof geschreven heeft vooraleer ik er iets mag over zeggen... . Punt is dat Badiou op die plaats in zijn werk komt aandraven met verzamlingenleer zonder er ook maar enige relevantie van aan te tonen. Showing off noemt men dat.

Jouw opmerking over "mijn heilige en hoogste wetenschap" is ook volledig naast de kwestie. Ik zeg expliciet dat ik dit niet het ergste vind. Wat mij betreft doet Badiou met de wiskunde wat hij wil, maar als hij beweert dat zij relevant is voor zijn project, moet hij dat aantonen en niet gewoon zeggen. En als hij dat niet doet mag ik daar op wijzen en mij er vrolijk om maken. Of Badiou"open en respectvol" met de wiskunde omgaat of niet, heeft niets te maken met de vraag of hij ze correct toepast of begrijpt.

Het valt ook op dat je op geen enkel moment argumenteert of uitlegt waarom ik foute dingen zeg over Badiou. Zijn de citaten die ik aanhaal voorbeelden van helderheid? Neen. Doet Badiou geen hoogdravende uitspraken zonder een geldige argumentatie. Tuurlijk wel. Maar ik mag dat volgens jou niet zeggen. Ik moet mij met het volste respect buigen over elk woord dat Badiou heeft geschreven vooraleer ik het ook maar mag wagen om iets kritisch te schrijven over zijn filosofie. Wel, dat soort van filosofie bedrijven lust ik niet. Ook die moralistische bon-mots over respect doen niets ter zake. Nogmaals, voor mij is filosofie bedrijven geen kwestie van respect, maar van argumentatie. Spijtig genoeg is daarvan weinig te vinden bij Badiou. Dat is de reden waarom ik het boek terug in de kast gezet heb en niet, zoals jij suggereert omdat ik vind dat hij raakt aan mijn “heilige en hoogste wetenschap”. De techniek van psychologisering die jij hanteert om mij terecht te wijzen, is geen filosofisch argument maar een retorische strategie die misschien goed gedijt in bepaalde filosofische middens, maar op mij helemaal geen indruk maakt. Volgende keer maar beter dus... .

Gert zei

Zo heb ik ook niet gezegd dat jouw argumentatie niet geldig zou zijn. Ze mag zo geldig zijn als wat, daarom vind ik ze nog niet waar. Waarom heb je geen enkel moment overwogen dat je misschien de kennis van zijn basiswerk ontbeert om zijn essay over ethiek te appreciëren? Net zoals ik een wiskundige bijdrage in de krant die ik niet volledig begrijp toch ook niet meteen afdoe als een hilarisch stukje woordenkramerij omdat ik de funderende theorie niet ken. Sjonge, is dat het enige wat je tot de filosofie rekent: geldige argumentaties? Ooit al eens gedacht over iets in termen van interessant of belangrijk of rakend-aan-wat-het-is-om-mens-te-zijn? Maar ja, dat is continentaal gewauwel, zeker? Het zij zo.
Benieuwd welke strategie of techniek je nu zal ontwaren in mijn reactie!

Karim Zahidi zei

Beste Gert

"Ze mag zo geldig zijn als wat, daarom vind ik ze nog niet waar."

Dus mijn argumentatie is correct, maar niet waar. Waarheid is subjectief want het is wat jij waar vindt. Hmmm... . Als ik op die manier Badiou moet lezen, dan heeft dat niets te maken met filosofie maar met theologie. De woorden van de Meester correct interpreteren en dan hopen dat er iets uitkomt dat mij in mijn diepste-mens-zijn-raakt . Dit betekent ook dat elke vorm van filosofische kritiek volledig verdwijnt. Maar dan duikt er een serieus probleem op. Want waarom Badiou's foute argumentatie negeren om er iets diep achter te zoeken, en niet hetzelfde doen met mijn commentaren. Is dat enkel omdat ik geen bekende filosoof ben en Badiou wel... . Of zijn alle correcte argumentaties voor jou per definitie onwaar of oninteressant?

"...dat je misschien de kennis van zijn basiswerk ontbeert om zijn essay over ethiek te appreciëren?"

Badiou stelt duidelijk in zijn inleiding dat zijn werk "De ethiek" bedoeld is als inleiding voor studenten en scholieren. Als ik de woorden van de Meester correct interpreteer dan betekent dat dus dat ik het kan lezen en (deels) begrijpen zonder dat ik eerst zijn andere werken moet lezen. De Meester beweert dus iets anders dan jij. Wiens woorden moet ik nu geloven? En op welke basis kan ik dat beslissen, want een argument kan volgens jou hier niet helpen... . Maar misschien interpreteer ik de schijnbaar eenvoudige uitspraken van de Meester verkeerd. Misschien is het wel zo dat ik eerst alle andere werken van de Meester moet doorgronden vooraleer ik zijn (op het eerste zicht) eenvoudige uitspraken, over wie zijn boek kan lezen, kan interpreteren.

"Benieuwd welke strategie of techniek je nu zal ontwaren in mijn reactie!"
Ik ontwaar geen strategie, ik lees gewoon wat er staat (ik kan namelijk niet in jouw hoofd kijken en weet niet wat jouw bedoelingen zijn).
Als iemand schrijft dat ik bepaalde uitspraken doe omwille van mijn psychologische gesteldheid ("in het kruis getast" omdat er iemand "raakt" aan "mijn heilige en hoogste wetenschap" - trouwens van de drie commentaren gaat er slechts een halve commentaar over wiskunde, ik heb dus wel andere opmerkingen te maken over Badiou dan enkel die over zijn fout gebruik van "mijn heiligste en hoogste wetenschap") dan geeft die persoon geen argument maar maakt hij een intentieproces. Dit wil zeggen dat hij niet ingaat op wat er staat, maar wel speculeert over waarom er staat wat er staat. Vermits jij vooralsnog niet in mijn hoofd kan kijken en dus niet kan weten wat er in mijn hoofd omgaat, zijn dergelijke intentieprocessen volledig naast de kwestie (of kan je mijn volledige persoonlijkheid al aflezen aan de hand van die paar commentaren op deze blog?).

(Trouwens mocht Badiou inderdaad aantonen dat wiskunde belangrijk is voor ethiek dan zou ik toch dolblij moeten zijn. Dan zou immers blijken dat "mijn heilige en hoogste wetenschap" werkelijk van existentieel belang is. Ik zou met ander woorden totaal geen reden hebben om in "mijn kruis getast te zijn")

"Sjonge, is dat het enige wat je tot de filosofie rekent: geldige argumentaties? Ooit al eens gedacht over iets in termen van interessant of belangrijk of rakend-aan-wat-het-is-om-mens-te-zijn?"

(Terzijde: en wie beslist dan wat er interessant of belangrijk is? De hogepriesters van de cultus die dan toevallig in de mode is?)

Spijtig genoeg is dit alweer naast de kwestie, beste Gert. Nergens staat er geschreven wat ik beschouw als goede filosofie (of weet je nu ook al wat ik goede en slechte filosofie vind?). Maar, in tegenstelling tot jouw opvatting over de plaats van de argumentatie binnen de filosofie, denk ik inderdaad dat als er allerlei extravagante claims worden gemaakt daar ook een argumentatie moet voor worden gegeven die niet bij de eerste de beste grondige lezing in elkaar stuikt. Dit is zeker zo als de filosoof in kwestie beweert argumenten aan te dragen die andere filsofische stellingen moeten ontkrachten. Ik bekritiseer dus in de eerste plaats Badiou's argumenten tegen "de menselijke natuur" en tegen de "mensenrechten".

Dit heeft dus niets te maken met het feit of ik al dan niet alle filosofie tot loutere argumentatie herleid. Als Badiou beweert een argument te hebben dat aantoont dat de universele menselijke natuur niet bestaat en de mensenrechten leiden tot oorlog e.d. dan lijkt het me vanzelfsprekend om deze argumenten aan een kritisch onderzoek te onderwerpen (net zoals ik de uitspraken van deze of gene dictator, Amnesty International of Human Rights Watch met betrekking tot de mensenrechten aan een kritisch onderzoek onderwerp).
Mocht Badiou gewoon schrijven dat hij de mensenrechten niet lust, zonder argumentatie, dan zou ik hem ook geen verwijten maken over de correctheid van zijn argumenten. Maar als Badiou beweert correcte argumenten te leveren die echter fout zijn,dan moet hij worden bekritiseerd en niet aanbeden. Als de 'filosofische' keizer geen kleren aanheeft, dan is het aan de 'filosofische' proleet om dat te zeggen. Spijtig genoeg wordt aan de proleet dan een gebrek aan fijnzinnigheid, diepzinnigheid en cultuur verweten (het is in de filosofie niet anders dan in de maatschappij...). Hume wist het al:

Amidst all this bustle it is not reason, which carries the prize, but eloquence; and no man needs ever despair of gaining proselytes to the most extravagant hypothesis, who has art enough to represent it in any favourable colours.

Je ziet Gert, ik ben nog steeds niet onder de indruk van jouw sermoen. Derde keer, goeie keer?